Meditatie “Jullie zijn mijn handen”.

Handen en voeten, ogen, oren, harten, het lichaam van Christus; ‘dit is mijn hand en dat mijn voet’; ‘handen heb je om te geven van je eigen overvloed’…na de ochtenddienst van 23 september bleven dit soort teksten in mijn hoofd rondgaan.  Graag had ik in de dienst een lied willen laten zingen waarin het gaat over ‘handen van Christus zijn’ en je door Hem laten zenden en inspireren. De organist dacht dat het niet zo snel te leren zou zijn, dus dat komt vast nog wel een keer. Toch geef ik hieronder vast de tekst. En dan ook maar meteen dat mooie verhaal over ‘jullie zijn mijn handen’. Ter inspiratie.

Ds. Bertine van de Weg

Jullie zijn mijn handen
Een klein stadje in Normandië, Frankrijk, had zwaar geleden van de oorlog. Velen van haar inwoners waren gedood, of gewond geraakt. De mensen voelden zich verslagen, eenzaam en ontroostbaar. De meeste huizen waren verwoest. Ook van het oude kerkje midden in de stad was weinig meer over.
De Amerikaanse soldaten, die dichtbij hun kamp hadden opgeslagen, hielpen de mensen bij het bouwen van noodwoningen en barakken. Een groepje soldaten hielp ook mee bij het herstellen van het kerkje. Veel mooie dingen waren onder het puin bedolven. Er was in dat kerkje een beroemd middeleeuws kruisbeeld, waar de mensen van het stadje van hielden en aan gehecht waren. Ze maakten zich zorgen. Wat zou er van overgebleven zijn? Na lang zoeken en voorzichtig puinruimen vonden de soldaten het oude houten kruis. Alleen de handen ontbraken. Hoe ze ook zochten, die bleven spoorloos, en de mensen hadden daar verdriet om.
Toen pakte een soldaat een stuk krijt, en schreef met grote letters op de balk van het kruis: “Jullie zijn mijn handen”. De mensen van het stadje die het lazen, keken er eerst bevreemd naar. Wat betekende dat? Ze waren moe. Ze hadden verdriet. Ze misten de mensen die gedood waren. Hun huizen waren kapotgeschoten. Het beeld waarvan ze hielden was stuk.
En ze lazen nog een keer: Jullie zijn mijn handen.
Toen begrepen ze wat daar stond: Jullie moeten heel maken wat stuk is. Jullie moeten elkaar troosten. Jullie moeten samen nieuwe huizen bouwen. Dan kun je weer geloven in de toekomst.
Als je nu in dat herstelde kerkje komt, dan zie je vooraan nog steeds het kapotte kruis hangen, het kruis zonder handen. En als je goed kijkt, kun je de woorden nog lezen die een soldaat er toen heeft opgeschreven.

Wil je opstaan en Mij volgen (Iona-bundel lied 40)
Wil je opstaan en Mij volgen als Ik noem je naam?
Wil je dienen in ’t verborgen, zonder roem of faam?
Wil je leven op de wind, broos en kwetsbaar als een kind?
Zul je geven wat Ik vind in jou en jij in Mij?

Wil je gaan op nieuwe wegen, steil en ongewis?
Wil je zijn tot hoed’ en zegen voor wie vreemd’ling is?
Val je niet een mens te hard die in leugens is verward?
Hoor je ’t kloppen van mijn hart in jou en jij in Mij?

Wil je gids zijn voor de blinde die je smeekt: ‘Help mij!’
Wil je vechten voor een kind, gevangen en onvrij?
Zie je in ontferming aan, ieder die alleen moet gaan,
opdat groeie mijn bestaan in jou en jij in Mij?

Wil je zien dat wat Ik zie: jouw gaven velerlei!
Wil je luist’ren als Ik zeg: ‘Een koningskind ben jij! ,
Wil je geven wat je hebt, dat de wereld zich herschept
en mijn leven wordt gewekt in jou en jij in Mij?

Heer van liefde en van licht, vervul mij met uw Geest.
Laat mij zijn op U gericht, en maak mij onbevreesd.
Dat ik in uw voetspoor ga, uw ontferming achterna,
en met lijf en ziel besta in U en Gij in mij.

Print Friendly, PDF & Email
Boekenlegger op de permalink.

Reacties gesloten.