Meditatie

Met ieder nieuw levensjaar is er een langere levensloop om op terug
te kijken. Over onze schouders zien we onze eigen voetstappen, maar
we zien ook de sporen die anderen gevraagd en ongevraagd door ons
leven trokken. Gezegend ben je in patronen van vriendschap en liefde.
Beschadigd en pijnlijk getekend ben je wanneer jouw spoor werd
uitgewist. Diepe dankbaarheid kun je ervaren voor de dierbaren die
met jou opliepen; vanaf je allereerste begin of later op je pad
gekomen. Sommige voetafdrukken herinneren je voor altijd aan de
mensen van voorbij die naast je liepen of die je zelfs droegen. Je
grootouders, je ouders, je broers en zussen, je kinderen, kleinkinderen,
vrienden, buren, kennissen uit het verenigingsleven, medegemeenteleden.

Gezegend ben je als er voetstappen klinken om je heen. Zeker in deze
tijden waarin het samenzijn niet een vanzelfsprekendheid meer is en is
ingeperkt. Gelukkig is de mens die toch nog voetstappen hoort om zich
heen, bij wie er nog voetafdrukken worden gezet in de kleine kamer,
rond het ziekbed en het sterfbed. Gelukkig zijn de mensen die sporen van
liefdevolle aandacht, van geloof en hoop trekken door elkaars dag en nacht.
Gezegend zijn zij die verbinding zoeken en leggen in een tijd waarin het zo nodig is om een licht bij elkaar op te doen gaan. De Paaskaars zal het licht van de Opgestane Heer verspreiden in de kerkgebouwen. De wolk van gebeden zal de ruimte blijven vullen. Moge dat zo zijn bij de herdenking van het leven en sterven van onze gemeenteleden op zondag 22 november.

Maar om kerk te zijn in deze tijd moeten we de sporen van Gods troost en zegen meer dan ooit buiten de muren gaan trekken. Diepe sporen van de genade van Christus, de liefde van God en de gemeenschap met de Heilige Geest. We hoeven ze alleen maar te volgen, Hij is het immers die ons voorgaat en Zijn Geest is het die ons bij elkaar brengt. Houd moed, houd vol en laten we in Godsnaam onderweg blijven met elkaar. Daarom eindig ik met de tekst van het prachtige Pelgrimsgebed van Amanda Strydom. Geschreven in het Zuid-Afrikaans en vertaald naar het Nederlands.



Vader God U ken my naam/Vader God U kent mijn naam
My binnegoed en buitestaan /kent mij van binnen en van buiten
My grootpraat en my klein verdriet /mijn grootspraak en mijn klein verdriet
My vashou aan als wat verskiet/ mijn vasthouden aan alles wat vergaat
U ken my vrese en my hoop/ U kent mijn vrees en mijn hoop
Die pad wat ek so kaalvoet loop/ het pad dat ik barrevoets beloop
Die pad het U lankal berei /dat pad hebt U allang bereid
U maak die pad gelyk vir my/ U maakt het pad gelijk voor mij
Alle pelgrims keer weer huis toe/ Alle pelgrims gaan weer naar huis
Elke swerwer kom weer tuis/ elke zwerver komt weer thuis
Ek verdwaal steeds op U grootpad/ Ik verdwaal steeds op Uw doorgaande weg
Soekend na U boardinghuis/ zoekend naar Uw herberg
Moeder God U ken my waan/ Moeder God U kent mijn waan
My ego en my regopstaan/ mijn ego en mijn rechte rug
Die drake waarteen ek bly veg/ de draak waartegen ik blijf vechten
U wys my altyd weer die weg/ U wijst mij altijd weer de weg
U het my met U lig geseën/ U hebt mij met uw licht gezegend
Die lig strooi ek op iedereen/ dat licht strooi ik op iedereen
Net U weet hoe my toekoms lyk/ Alleen U weet hoe mijn toekomst zal zijn
Ek het niks, U maak my ryk/ ik heb niets, U maakt mij rijk

Ds. Liesbeth Jansen-Gort