Uitleg zondag Voleinding 20 november 2022

Voorganger: ds. L. van Weijen

Bijbelgedeelte: Hebr.11:1,2,8-11,13

Gemeente van de Heer Jezus Christus,

Twaalf namen zullen er klinken, twaalf lichtjes zullen we aansteken. Mensen die ons zo lief zijn, partners, vaders, moeders, broers, zussen en hoe wij ook met hen verbonden zijn. Mensen die hun levensweg gegaan zijn, geïnspireerd door het geloof in de God van Israël, in dat spoor van Jezus van Nazareth. Geïnspireerd door die belofte, door dat verlangen naar gerechtigheid, een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar God zelf onder de mensen woont, waar alle tranen uit de ogen weggeveegd zijn, waar de pijn, waar zelfs de dood niet meer zal zijn.

De één ging in die volle overtuiging, de ander aarzelend, met twijfels en ( kritische) vragen.

Allen hebben ze hun leven geleefd, zonder werkelijk gezien te hebben; ja soms even, een glimp van wat komen zal, een glimp van die droom, dat visioen;  maar die glimp, soms even, voedde hun hoop en hun geloof op Gods toekomst. Op Gods aanwezigheid in dit hier en nu.

Hoe gaat dat: soms is het een verhaal, een tekst die je raakt. Soms is het de regel van een lied. Een hand op je schouder, iets wat tegen je gezegd wordt, zomaar in het voorbij gaan. Soms is het een symbool dat je opeens ziet.

Een diep vertrouwen dat je van kleins af aan hebt meegekregen van je ouders,  van iemand die belangrijk is in je leven, een juf, een meester.

Zij vormden voor ons de schakel met allen die ons zijn voorgegaan, van wie ook zij zelf de geloofsverhalen doorgekregen hebben: grootouders, overgrootouders, mannen, vrouwen, kleine en grote heiligen.

De geloofsverhalen worden van generatie op generatie doorgegeven en toch is geloven niet vanzelfsprekend:  het is niet een pakketje wat je zomaar in de kast kunt leggen of in je broekzak kunt steken. Als je er zelf niets mee doet heeft dat pakketje misschien een mooie buitenkant, maar raakt het van binnen leeg, opgedroogd.

Dan blijven het hooguit mooie of nostalgische verhalen van vroeger.

Die verhalen hebben mensen nodig, mensen die het zich blijven afvragen: waar speelt dit verhaal in de actualiteit van mijn leven een rol? Wat vertelt dit verhaal over mij? Waar ontdek ik mijzelf in dit verhaal over God en mensen?

Geloven heeft iets van een sport, hobby, muziek, hoe meer het je eigen wordt, hoe meer je ontdekt  dat je er niet alleen mee bezig bent, maar samen met anderen. Je wordt als het ware boven jezelf uitgetild door dat besef dat je er niet alleen voorstaat, dat die Naam die door de eeuwen heen klinkt, er ook voor jou is: ‘Ik zal er zijn’ in goede en kwade dagen, in leven en in sterven. Die Naam, zichtbaar geworden in Jezus van Nazareth. Kind van God en kind van mensen, die met woorden en daden zijn eigen leven inzette om mensen opnieuw op dat spoor te brengen van Gods liefde, van Gods gerechtigheid. Dat visioen van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar God onder de mensen woont.

Juist dat visioen heeft mensen door de eeuwen heen steeds weer hoop, moed en geloofsvertrouwen gegeven om bij wat je kan overkomen in het leven, steeds weer door te gaan en er wat van te maken. Kracht uit de hoge.

Twaalf namen. Zij zijn ons voorgegaan in het leven, in het geloof. Met vallen en opstaan. Nu zijn wij het die die schakel vormen tussen allen voor ons, en allen die na ons zullen komen, want we blijven met elkaar verbonden, in de liefde van de God, die is en die was en die komt. De Eeuwige die altijd weer met mensen onderweg blijft.

Wij zijn de eersten niet, wij zullen ook de laatsten niet zijn, maar met allen die ons zijn voorgegaan mogen we ons leven geborgen weten in de liefde van diegene die sprak en spreekt: Ik ben de alfa en de omega, het begin en het einde.

In dat vertrouwen blijven al hun namen, blijven al onze  namen liefdevol genoemd worden. In dat vertrouwen kun je het leven voluit leven.  Kostbare mensenkinderen gekoesterd in Gods liefde.